
Visserijwet 1963
Artikel 46
1
De Kamer bestaat uit een voorzitter en ten minste zes en ten hoogste negen leden. Zij wordt bijgestaan door een secretaris.
2
Er kunnen een plaatsvervangende voorzitter en een of meer plaatsvervangende secretarissen worden benoemd.
3
Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter en van de plaatsvervangende voorzitter treedt het oudste lid als waarnemend voorzitter op.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.